Interview Suzanne Volkerink

Over ons Medewerkers Interview Suzanne Volkerink

Suzanne Volkerink

Wondverpleegkundige VIOS

“Veel ruimte voor kwaliteitsverbetering in wondbehandeling”

Suzanne Volkerink

Suzanne Volkerink wil dat ouderen in beweging blijven

Suzanne Volkerink mag zichzelf sinds september 2017 verpleegkundig specialist noemen. ‘Heerlijk’, zegt ze. ‘Het fijne ervan is dat het je het recht geeft om als zelfstandig behandelaar te werken. Tegelijkertijd is dat ook nog wel spannend natuurlijk, want ik betrap me er soms nog op dat ik denk “Nu moet ik hier iets van vinden”. Maar die uitdaging is natuurlijk prachtig. En patiënten gaan er ook van uit dat je die keuzes maakt, ze hebben vertrouwen in je.’

Suzanne werkt drie dagen in de week als verpleegkundig specialist in Friesland. Waarvan een dag in Dokkum bij een groot huisartsencentrum en twee dagen in de week in de regiefunctie in de regio Friesland waarin ze bij verschillende thuiszorgorganisaties diagnostiek en behandeling bepaal bij mensen met complexe wondzorg. ‘Samen met een collega begin ik nu ook in Zwolle’, vertelt ze. ‘Erg mooi om te doen, want je verleent er heel andere zorg dan in de tweede lijn. In het ziekenhuis ben je curatief bezig, maar in de eerste lijn is dit lang niet altijd het geval. Je hebt te maken met patiënten met comorbiditeit, die helemaal geen behoefte meer hebben om in het ziekenhuis te worden opgenomen. Dan zoek je samen met de patiënt naar andere oplossingen. En je behandelt in de eerste lijn ook wel kinderen.’

 

Als afstudeeropdracht voor haar opleiding tot verpleegkundig specialist deed Suzanne onderzoek naar de relatie tussen de loopsnelheid van patiënten en de wondgenezing. ‘De onderzoekspopulatie was te klein om er harde evidence uit te destilleren’, zegt ze. ‘De uitkomst is dat er geen relatie is tussen bewegen en genezen. Het advies van het Wondexpertise Centrum bij Isala – rust nemen – heeft dus geen meerwaarde. Wonden gaan er niet sneller door dicht en bewegen is ook voor veel andere redenen goed. Ook voor perifeer arterieel vaatlijden en chronische veneuze insufficiëntie, ziektebeelden waarbij chronische wonden ontstaan, is het juist interessant om daar verder onderzoek naar te doen. Gelukkig krijgt het ook een vervolg. Vaatchirurg Jacques Oskam voert nu meer registraties uit en daarin nemen we de relatie tussen bewegen en genezen ook weer mee. Mensen zitten immers te veel. De conclusies uit de registratie zullen hopelijk leiden tot meer eenduidige leefregels voor patiënten. Bijvoorbeeld om ieder uur tien minuten te lopen. Dit is essentieel voor de conditie, de doorbloeding en behoud van spierkracht. Als oudere kun je een vijf jaar langere levensduur hebben als je met een minimale snelheid van 0,8 meter per seconde kunt lopen. In mijn onderzoekgroepje haalden veel van de patiënten dit niet. Hier ligt dus duidelijk een rol voor de fysiotherapeut in activerende beweging.’